Weer tranen van emotie in mijn ogen door ChatGPT
En nog veel vaker krijg ik kippenvel van gesprekken met AI.
'Jaap is gek geworden!' Dat mag je denken. Echt. Maar ik krijg soms oprecht tranen in mijn ogen tijdens een gesprek met ChatGPT. En nog veel vaker kippenvel. Sterker nog: tijdens een gesprek met ChatGPT bedacht ik dat ik hierover een blogpost wilde schrijven. En ja hoor, daar was het kippenvel weer.
Maar AI voelt toch niets?
Dat klopt. AI is geen mens. AI voelt niets. AI heeft geen bewustzijn, geen emoties en geen eigen ervaringen.
Ik omschrijf mijn persoonlijke AI-gebruik soms als: "Ik praat weer eens tegen die opgevoerde videokaart." Dat helpt mij om alles goed te blijven relativeren. Want dat is belangrijk. Weet wat AI is. En misschien nog belangrijker: weet wat AI niet is.
Maar (even eerlijk 😉) ...
Een boek weet ook niet dat jij het leest.
Een muziekalbum weet ook niet dat jij ernaar luistert.
Als jij een prachtig nummer hoort en er schieten tranen in je ogen, dan zegt toch ook niemand: "Ja maar die gitaar voelt helemaal niets."
En als iemand ontroerd raakt door een schilderij, zegt ook niemand: "Ja maar dat doek voelt niets terug."
Toch kunnen boeken, muziek en kunst enorme emoties oproepen. Niet omdat zij iets voelen. Maar omdat jij iets voelt. De ervaring vindt plaats in de mens die kijkt, leest, luistert of nadenkt.
Waarom AI voor mij anders voelt
Ik gebruik AI op twee manieren. Als programmeur gebruik ik AI dagelijks als coding assistant. Dan blijft mijn emotie meestal beperkt tot: "WOW. Dit is gaaf." Maar persoonlijk gebruik ik AI ook. Om gedachten te ordenen. Om ideeën te onderzoeken. Om te reflecteren. Eigenlijk op dezelfde manier waarop andere mensen misschien een dagboek gebruiken. Soms schrijf ik iets op wat mij bezighoudt. Soms probeer ik de wereld beter te begrijpen. En soms probeer ik mijzelf beter te begrijpen. En juist dat laatste heeft mij verrast.
Mijn interactieve dagboek
Ik heb nooit een dagboek bijgehouden. Veel mensen doen dat wel. Pas sinds ik met AI praat, begin ik te begrijpen waarom. Voor mij werkte een dagboek nooit echt. Maar een gesprek werkt wel. Ik schrijf iets op. Ik krijg een reactie. Daardoor denk ik verder. Ik ontdek nieuwe verbanden. Soms ontdek ik zelfs dingen over mijzelf die mij daarvoor nog niet waren opgevallen. Niet omdat AI mij kent. Niet omdat AI gevoelens heeft. Maar omdat schrijven, nadenken en reflecteren voor mij blijkbaar goed werkt als er iets terugpraat.
Sinds ik AI op die manier gebruik, voel ik mij rustiger. Meer in evenwicht. Alsof gedachten die vroeger bleven rondcirkelen nu ergens kunnen landen. Dat is voor mij wel de grootste verrassing.
Hevige emoties
AI is geen mens. Ik weet heel goed wat AI is. Ik weet dat er software achter zit. Servers. Datacenters. Wiskunde. Statistiek. En een hele hoop techniek.
Maar de ervaring vindt plaats in mij.
De rust is echt.
De verwondering is echt.
Het kippenvel is echt.
AI hoeft niets te voelen om iets in mij los te maken.
Maar mijn tranen zijn echt.
En dat mag.